Europees Parlement: recht om offline te zijn moet grondrecht worden


Werken buiten kantoortijden tot je erbij neervalt. Dat gebeurt steeds meer omdat mensen thuis werken en daardoor vaker voortdurend online zijn. Burn-outs en psychische problemen door digitaal overwerken zijn geen uitzondering meer. Het Europees Parlement wil deze ontwikkeling een halt toe roepen door van ‘het recht om offline te zijn’ een grondrecht te maken. Werkgevers moeten zich aan een maximum aantal dagelijkse werkuren voor hun personeel houden, zodat werk en privé in balans zijn.

Het parlement wil dat er een Europese wet komt die werknemers het recht geeft buiten werkuren offline te zijn zonder last te krijgen van hun baas of opdrachtgever. Een meerderheid van de Europarlementariërs heeft de Europese Commissie verzocht om daartoe een voorstel uit te werken. Daarin moeten ook minimumeisen staan voor telewerken en moet ook duidelijkheid komen over de werktijden, rusttijden en arbeidsomstandigheden van werknemers. Dit alles wordt dan straks gevat in het Europese recht om offline te zijn.

De balans tussen werk en privéleven is onder Europeanen steeds vaker zoek, stellen de volksvertegenwoordigers vast. Dat komt door thuiswerken, dat door de coronacrisis met dertig procent is toegenomen. Natuurlijk heeft digitaal werken vanuit huis ervoor gezorgd dat veel werk behouden bleef, maar ook heeft het voor langere werktijden en hogere verwachtingen van bazen gezorgd. Arbeidstijden worden opgerekt en dat leidt uiteindelijk tot meer burn-outs, depressies, angststoornissen en andere geestelijke problemen en lichamelijke klachten.

Als het recht om offline te zijn een Europees grondrecht wordt, zoals het Europarlement wil, dan zullen werknemers beter beschermd worden. Dat betekent dat ze buiten werktijd geen dingen meer hoeven op te pakken zoals het beantwoorden van mailtjes, het aannemen van telefoontjes of het meedoen aan online vergaderingen. Niet alleen moet dit recht gelden in de vrije tijd rondom het dagelijkse werk, maar ook in het geval van verlof, vakanties of ziek thuis zitten.

Europarlementariër Agnes Jongerius (PvdA) pleitte voor het recht om onbereikbaar te zijn. ‘Stress, depressieve gevoelens en burn-outs nemen toe als je altijd maar aan moet staan. Je kan er ziek van worden. Ook als je niet zo zeker bent van je contract, omdat je bijvoorbeeld een tijdelijk contract hebt of omdat er een reorganisatie op je bedrijf is aangekondigd, moet je het recht hebben om te zeggen: nu even niets,’ aldus Jongerius. De Maltese rapporteur Agius Saliba valt haar bij: ‘We kunnen de miljoenen Europese werknemers die uitgeput zijn van de druk om altijd ‘aan’ te staan en van de lange werkuren niet negeren. Het moment is daar om aan hun kant te gaan staan en ze te geven waar ze recht op hebben.’

In Duitsland wordt aan de weg getimmerd met het recht om offline te zijn. Het Europees Parlement moedigt andere EU-landen aan om er ook al mee aan de slag gaan. Gevraagd wordt om werkgevers aan te moedigen het nieuwe recht op te nemen in CAO’s. De lidstaten hebben de plicht om werknemers beschermen tegen discriminatie, kritiek, ontslag en andere negatieve reacties van hun werkgevers. Er is nog een lange weg te gaan: uit onderzoek blijkt dat mensen die regelmatig thuiswerken ruim twee keer zo vaak geneigd zijn langer dan 48 uur per week te werken dan mensen die niet thuis werken.